surprise

cover’Beginnen we nu eindelijk met het uitpakken van de cadeautjes?’, vroeg Henke.
´Uitpakken van de cadeautjes?’, antwoordde meester Korneel. ‘Dat is nou jammer. Heb ik mijn best gedaan om een cadeautje in te pakken en dan wil jij het weer gaan uitpakken. En weet je… als je iets uitgepakt hebt dan kun je het daarna nooit meer uitpakken. Heb je daar wel eens over nagedacht?’
’Neuh’, zei Henke. ‘Daar hebben we jou voor, meester, om over dat soort dingen na te denken. Daar hebben wij geen tijd voor. Wij hebben nu alleen maar de tijd om uit te pakken.’
’Goed dan. Laten we maar eens flink uitpakken. Ik stel voor dat iedereen het cadeau pakt dat hij zelf heeft ingepakt. Dat geef je dan aan degene voor wie het is bedoeld. Dan leest iedereen vervolgens tegelijkertijd het gedicht voor dat er bij zit en pakt zijn cadeau uit. Even ‘dank je wel Sinterklaasje’ zeggen en klaar is Klaas. Lekker snel, lekker makkelijk, lekker simpel, lekker eenvoudig. Goed?’
We keken elkaar aan en kakelden toen dwars en nog wat dwarser door elkaar als kippen die hun koppen nog hadden maar ze ook al kwijt leken te zijn.
Elle Mieke stond op en iedereen werd weer wat stiller. Alleen Henke en Yorinde kletsten nog wat door.
’Dat zal Sinterklaas vast niet goed vinden’, hoorde ik Yorinde zeggen.
’’Pffff… Sinterklaas vindt niets… ik vind het een goed idee’, zei Henke. ‘Ik vind het niet leuk om zo lang te moeten wachten tot ik mijn cadeau krijg. Ik ben toch altijd als laatste aan de beurt.’
’Dat ligt aan jou. Je bent soms zo langzaam dat het net lijkt of je expres de laatste wilt zijn’, mopperde Yorinde. Henke zei niets meer waardoor Yorinde ook stil bleef.
’Meester’, riep Elle Mieke. ‘De twee Sinterklazen die hier op school rondlopen zouden misschien wat met elkaar willen gaan vechten om te bepalen wie jou in de zak mee zou willen nemen naar Spanje. Ik denk dat de vier zwarte pieten die hier op school rondlopen je allemaal wel de inhoud van een zakje zout in je thee zouden willen stoppen. Zo onzinnig is je voorstel. We doen het gewoon zoals jij altijd doet want daarvoor zitten we bij jou in de klas. We weten dat je het leuk vindt als de kinderen in je klas gekke surprises maken. Dus hebben we gekke surprises gemaakt. We weten ook dat je het leuk vindt dat iedereen een gedicht maakt. Daarom hebben we allemaal een gedicht geschreven, toch?’, vroeg Elle Mieke en keek de klas rond.
We knikten allemaal.
’Dus, meester… wie begint er? Zeg het maar.’
Meester keek hulpeloos en helpeloos. Hij keek zoeterig en zurig en zoutig en bitter tegelijkertijd. Zijn gezicht verfrommelde en hij mopperde zonder dat hij wat zei.
’Ik ook met mijn fratserige ideeën’, mompelde hij. ‘Ik dacht dat het misschien tijd was om het dit jaar eens anders te doen dan anders. Zal wel komen omdat er twee Sinterklazen in school rondhuppelen. Hmmm… nou ja… dusss… vooruit dan maar. Laten we het ook dit jaar maar doen zoals ik het altijd doe.’
Meester Korneel liep naar het midden van de kring waarin we allemaal zaten en pakte een punt van het kleed beet dat over de cadeautjes lag die we daar allemaal vanmorgen neer hadden gelegd. Hij trok met zijn Zurigzoete gezicht, als een stierenvechter, het kleed met een ferme ruk naar zich toe. Er klonken wat rare geluiden terwijl hij het deed en niet veel later had hij het kleed in zijn hand en keek hij met ons naar de cadeaus.
’Nee hè, heb ik weer’, mompelde hij.
Tijdens de zwaaibeweging had hij een schoorsteen van een surprise stoomboot afgewaaid, drie mini pieten van een surprisehuis afgegooid en een cadeau omgegooid waardoor Janke van haar stoel kwam en het cadeau sneller dan snel weer rechtop zette.
’Ha’, zei meester. ‘Weet ik alvast wie dat gemaakt heeft.’
We keken naar meester Korneel.
’Dat is waar ook’, zei Elle Mieke. ‘Je zegt dat je altijd weet wie welk cadeau heeft gemaakt voor wie.’
’Yep… als jullie straks allemaal je gedicht hebben voorgelezen en je cadeau hebben uitgepakt kan ik zeggen wie van jullie aan wie wat heeft gegeven’, zei meester met een grappige glimlach om zijn gezicht.
’Dat weet ik nu al, meester’, zei Charlie. ‘Iedereen heeft zijn cadeau van Sinterklaas gekregen’, zei hij slim.
’Dat dacht je, mijn beste Charlie. Maar je vergeet dat we dit jaar twee Sinterklazen in school hebben door die fantastische acties van directeur Zwarfdreumer en mijn persoon. Je weet daardoor niet van welke Sinterklaas je het cadeau hebt gekregen… dus…’
Charlie zakte wat onderuit.
’Daar heb je gelijk in, meester.’
Meester Korneel pakte een cadeau van de grond. Het was ene vierkant blok en het leek of het van hout was gemaakt. Meester spiedde de kring rond en draaide het cadeau om en om tot hij bij een papiertje kwam. Zijn gezicht verfrommelde weer wat toen hij las.
’Meester Korneel’, zei hij. ‘Ha, dit cadeau is voor mij. Dat is grappig’, mompelde hij.
’Dat is niet eerlijk, meester’, zei Humphrey. ‘Je mag niet je eigen cadeau pakken.’
’Dat klopt. Maar hoe kan ik dat voorkomen? Het enige dat ik zeker weet is dat ik weet welk cadeau ik heb gemaakt maar dat pak ik niet want dan weet iedereen voor wie ik wat heb gekocht en dat wil ik niet natuurlijk. Daarom pak ik zo maar een cadeau en toevallig is deze voor mij.’
Meester ging zitten en klopte op het blok.
’Het is een kisterige doos van hout. Of een houten blok. Of een vreemde kwiebus kubus die zich graag door mij laat openen.’Meester schudde aan het kubussige kisterige blok. Er rammelde wat. Alsof er een knikker in zat. Daarna pakte meester een briefje van het blok, vouwde hem open en las voor wat er op stond:
’Meester Korneel
Open krijgen wat gesloten is
dat is niet mis
zonder gereedschap
papperdepap
krijg je dit open hoera en zo
dan is dat je grootste cadeau
Sinterklaas en zwarte Piet.’
Meester Korneel keek om zich heen. Hij gleed met zijn ogen over onze gezichten. Vast om te kijken wie dit cadeau voor hem had gemaakt. Hij schudde zijn hoofd en keek weer naar de kubus. Meester zuchtte en zuchtte. Hij draaide het om en om en nog een keer om en om.
’Ik zie geen opening’, zei hij. ‘Ik zie ook geen spijkergaten. Ik zie op geen enkele manier hoe ik deze surprise open kan krijgen. Tsss… nah… hmmmpppfff… wat is dit nou?’

Meester Korneel leek opeens uit de klas te zijn. Hij zag ons niet meer zitten. Hij was alleen maar bezig om zijn surprise te bekijken en had nergens anders oog voor. Wij werden wat ongeduldig.
’Meester, maak hem nou open!’, zei Gjalt. ‘Dan kunnen we tenminste verder.’
Meester reageerde niet. Hij rammelde en rommelde. Hij schudde en draaide en keerde. Hij sloeg zachtjes en tikte wat harder. Hij fluisterde onverstaanbare woorden, alsof hij een toverspreuk zei. Maar er gebeurde niets. Hij kreeg zijn cadeau niet open.
’Meester, gaan we nou verder?’, vroeg Elle Mieke. Meester zei niets. Op dat moment werd de deur van het lokaal opengedaan. Directeur Zwarfdreumer kwam de klas binnen.
’Eeeeh ahum’, kuchte hij luid en duidelijk.
Meester Korneel schrok een beetje op en keek de directeur aan.
’Kom je even mee, Korneel. Jouw Sinterklaas en die van mij hebben een eeehhh… meningsverschil. Ze willen allebei naar de klas van juf Martine maar dat kan natuurlijk niet. Los jij het maar even op, wil je?’
Meester Korneel draaide met zijn ogen en ging als een schoothondje achter de directeur aan, het lokaal uit.
’Ik kies wel een nieuw cadeau’, zei Charlie. Dat deed hij en vlot en snel en simpel en rap en met gezwinde spoed regelden we het zelf wel, zonder meester Korneel. Charlie greep een cadeau dat voor Henke was.
’Hé, ben ik een keer aan het begin aan de beurt’, juichte hij. ‘Maar eeehhh, wie heeft eigenlijk dat cadeau en die surprise voor meester Korneel gemaakt?’, vroeg hij slim.
’Ik’, zei Gjalt lachend.
’Wat is het?’, vroeg Henke.

‘Dat!’, zei Gjalt en hij wees naar de kubus.
’Ik heb samen met mijn vader een raadseldoos gemaakt. Dit wat je ziet dat is het. Meester doet wel eens raadselachtig en gek en bizoender en zo… Ja, en toen heb ik in een heel oud boek een raadseldoos gevonden. Het is een kist waar een soort van doolhof in zit, en een kogel. Meester moet de kist op de goede manier draaien en draaien en keren en wenden en schudden en zo… Als hij dat op de goede manier doet dan krijgt hij de kist open. Dan rolt de kogel tegen een loden plaatje. Dat loden plaatje zorgt er voor dat een magneetje uit de buurt van een ander magneetje komt waardoor de kubus open klikt… dus… en zo… Daar is hij nog wel even zoet mee’, zei Gjalt droog.
We kregen allemaal een dikke vette glimlach op onze gezichten.
’Wauw… die meester boft maar weer dat jij voor hem een cadeautje moest kopen.’, zei Janke.
Gjalt glom van trots om de glimlachen die wij glommen.
Toen meester Korneel een tijdje later het lokaal weer in kwam zag hij dat wij verder waren gegaan. Hij ging ook weer verder met zijn bijna niet te openen raadseldoos.
´Heb je het geregeld met die Sinterklazen, meester?’, vroeg Henke.
Meester reageerde niet. Maakte niet uit, we gingen gewoon verder terwijl hij met zijn eigen surprise bezig was. Zo kreeg iedereen zijn cadeau, was de klas een puinhoop door alle snippers en touwtjes en plakband en stroop en dozen en confetti die we gebruikt hadden voor onze surprises en was meester Korneel nog steeds bezig.
’Ik geef het op’, zei hij tenslotte. ‘Ik zie dat jullie het helemaal zelf hebben geregeld. Jullie hebben mijn hulp dus niet nodig gehad. Mooi dus! Dan kunnen we nu wachten op de binnenkomst van Sinterklaas.’
’Niet zo snel, meester’, zei Elle Mieke. ‘Je moet eerst nog even zeggen wie van wie welk cadeau heeft gekregen.’
We knikten allemaal instemmend.
’Ha, dat wordt wat’, zei Charlie. ‘Je bent de hele tijd met dat cadeau bezig geweest. Je hebt helemaal niet opgelet. Het lukt je dus ammenooitniet’, zei hij hard en luid en duidelijk.
Meester keek ons aan. Hij keek naar de cadeaus en hij keek nog een keer naar ons.
’Gjalt moest mijn cadeau doen. Ik die van Elle Mieke, Elle Mieke voor Humphrey. Humphrey voor Okki. Okki voor Charlie. Charlie voor Majorie. Majorie voor Yorinde. Yorinde voor Janke. Janke voor Henke. Henke voor Steen. Steen voor Jarig. Jarig voor Tes. Tes voor Jorien en Jorien voor Marieke. Marieke voor Janka en Janka voor Jarno. Jarno voor Mees en Mees tenslotte voor Gjalt… dus…’
We keken elkaar aan. Niemand schudde zijn hoofd.
Hij had het goed. Meester had het echt goed. We waren even stil en toen barstte er een gejuich los zoals nog niet vaak een gejuich was losgebarsten in onze krakkemikkige oude piepende knarsende school. Het was meester weer gelukt.
’Hoe doe je dat, meester?’, vroeg Okki.
Meester lachte.
’Dat is het geheim van meester Korneel’, zei hij raadselachtig. ‘En nu gaan we opruimen want zo kunnen we Sinterklaas niet ontvangen. We ruimden op en meester pakte zijn raadseldoos en zette het op de vensterbank, bij de rest van zijn verzameling bizoendere voorwerpen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *