hartenkreet

fiets op padHet onderwijs kan leuker, mag leuker, moet leuker.

Vorige week hoorde ik in het nieuws:

“De Inspectie van het Onderwijs vindt dat de motivatie van leerlingen beter kan. Volgens het verslag over het schooljaar 2012-2013 zijn Nederlandse leerlingen vaak minder gemotiveerd om te leren dan leeftijdsgenoten in het buitenland.
Inspecteurs zien geregeld lessen waar een groot deel van de leerlingen niet actief bij betrokken is. In het voortgezet onderwijs gaat het om 21 procent van de lessen, in het basisonderwijs om 9 procent. De Inspectie gaat de komende tijd kijken hoe hier iets aan kan worden gedaan.”
Bron: NOS.nl

Odoorn, 23 april 2014

 Geachte mevrouw Bussemaker, beste Jet,

Bovenstaande raakt mij, Jelte van der Kooi, recht in het hart.
Als kind vroeg ik me al af waarom meester F. mij kon bereiken, waarom ik aan zijn lippen hing en hoe het hem lukte om mij te bereiken en me de ruimte te geven waardoor ik het prettig vond om naar school te gaan. We werden bij hem thuis uitgenodigd op kraamvisite, vertelden moppen in de klas en mochten onze eigen toneelstukken schrijven en uitvoeren. Ik had ook les van meester K. die het maar niet lukte om me te motiveren. Het kan zijn dat hij met ons in een gehorig noodlokaal zat, dat we wat ouder waren, dat er twee groepen samengevoegd werden waardoor we met 35 kinderen (en een gestreste meester) op 64 vierkante meter bivakkeerden of…
Elk kind heeft zijn favoriete meester of juf en, laten we eerlijk zijn, ook andersom is dat zo.

Jarenlang heb ik me, eerst als leerkracht in het basisonderwijs, vervolgens als directeur van een school in Oost-Groningen hard gemaakt en ingezet om de betrokkenheid van elk kind bij het leren te vergroten. Met innovatieve, creatieve projecten (zoals een stadsbus op het schoolplein, 70 deuren ingegraven in de berm van het kanaal, voorzien van gedichten van elk kind en voorzien van kunstwerken door diezelfde kinderen) bereikte ik, bereikten wij elk kind omdat elk kind geraakt werd en de projecten die we opzetten aansloten bij de leef en belevingswereld van elk kind. En omdat we er zelf zo van genoten.

Ik heb een ‘schatrijke leeromgeving’ gecreëerd  waar ik het boek “alles is taal in de schatrijke school” over heb geschreven. Toenmalig staatssecretaris van onderwijs, mevr. Sharon Dijksma heeft het voorwoord voor het boek geschreven en heeft de school waar zich dit afspeelde bezocht om met eigen ogen te zien wat voor hele mooie dingen er gebeurden.

Ik ben daarnaast verhalen gaan schrijven over een bizoendere meester (zo bijzonder dat je hem – of zijn avontuurlijke hilarische voorvallen- zou willen kussen). Meester Korneel leeft voor, laat beleven en laat anders kijken. Meester Korneel heeft zelf zijn eigen glossy magazine. Waarom? Om kinderen en leerkrachten te laten zien dat onderwijs meer is dan het overdragen van leerstof. Dat het nodig is dat je als leerkracht elk kind raakt. Dat het niet alleen gaat over gedachten, meningen en feiten maar ook over spanning en actie, speels contact, samen werken en tijd om alleen te zijn.  En om jou, de leerkracht.

Wat ik toen niet wist maar nu wel is HOE ik elk kind kon bereiken. En dat is waarom ik dit schrijf. Omdat ik geloof dat het anders kan, beter, leuker, mooier. En dat dat niet eens zo moeilijk hoeft te zijn. Maar dat we het wel vaak moeilijk maken. Voor de leerkracht, voor de kinderen.

In mijn huidige werksituatie (als trainer en adviseur) kom ik jaarlijks in contact met minstens 500 leerkrachten. Ik verzorg workshops en trainingen en begeleid schoolteams op onderwijsinhoudelijke vooruitgang. Mijn uitgangspunt is dat elke leerkracht ELK kind in hun klas echt kan bereiken.
Ik nodig de leerkrachten, intern begeleiders en de directie uit om na te denken, ‘om’ te denken en door te denken over wat elk kind nodig heeft en er meteen iets mee te doen. Ik laat ze zien dat kinderen een voorkeursstijl hebben  en dat je die kunt zien door écht te kijken.  Voorkeursstijlen die observeerbaar zijn en die jou laten zien hoe dat ene kind de wereld waarneemt door gedachten, meningen, actie, reactie, inactie (reflectie) of gevoelens. En dat jouw taal niet perse de taal van het kind hoeft te zijn.

Dat doe ik door o.a. filmpjes te laten zien waardoor leerkrachten inzien hoe je het kind dat te zien is nog beter kunt bereiken en ze te laten ervaren (door er samen direct mee aan de slag te laten gaan) hoe ze dat kunnen doen. En dat ze zelf hiervoor de sleutel zijn. Want een levendige groep kinderen in jouw lokaal bereiken, is niet voor iedere leerkracht even makkelijk.

Door van elk kind in je klas te weten wat zijn of haar taal is kan de leerkracht ieder kind bereiken. Want zonder contact, hoort het kind niet wat jij wilt zeggen. Zonder echt contact geen leren. Wel veel ruis, en ook veel stress voor de leerkracht en de leerling. Door de leerkracht de handvatten te geven om te kijken en te reageren met de juiste interventies (gedrag, aanspreektoon, bij het kind passende woorden; houding; gezichtsuitdrukking, lesinterventies) lukt het om elk kind te bereiken, motiveren en stressvrij maken/ houden. En leert het kind.

Veel leerkrachten vinden het gedrag van sommige kinderen lastig. Ze willen graag dat het kind luistert, en doet wat zij willen. Ze hebben vaak al van alles geprobeerd om het gedrag te veranderen en leggen de oorzaak van het gedrag van het kind vaak buiten zichzelf. Het is ook makkelijker om de oorzaak van het gedrag van het kind te leggen bij ‘de ouders’, ‘de opvoeding’, ‘iets in het kind’.
Als leerkracht heb je ooit gekozen voor dit zeer moeilijke vak in de overtuiging en roeping dat je elk kind wat wil en kan leren. Ik geloof dan ook niet dat leerkrachten ongemotiveerd zijn of dat ze ongemotiveerde kinderen in de klas willen hebben. Wel dat ze vaak niet weten ze hoe ze elk kind kunnen bereiken. En dat zorgt voor minder energie, misschien zelfs frustratie. Hetzelfde geldt voor leidinggevenden die ook niet voor elke leerkracht een passende leiderschapsstijl (kunnen) toepassen.

‘Mooi verhaal Jelte, en wat kunnen we hier nu mee?’ denkt u wellicht.  Terechte vraag. Ik neem u graag mee in waar ik denk dat de oplossing ligt: Als ik jouw taal spreek, hoor jij wat ik zeg.

Makkelijk is het niet, soms voelt het voor een leerkracht tegennatuurlijk om zijn gedrag zo te veranderen dat elk kind in zijn kracht komt te staan. Bij de juiste toepassing sluit de leerkracht aan bij de motivatoren van elk kind waardoor hij met plezier naar school gaat, aantoonbaar minder stressgedrag vertoont en meer energie heeft. Waardoor het leuker wordt in de klas. Voor de kinderen EN voor de leerkracht.

Ik zit boordevol ideeën hoe we het onderwijs kunnen versterken, hoe we de leerkrachten kunnen helpen en versterken om kinderen echt te motiveren. Ik geloof dat het geen onwil is van de leerkracht maar dat nog niet alle gereedschappen helder en transparant inzichtelijk zijn. Dit is geen verkooppraatje, het is een oproep recht uit mijn hart.

Ik zou heel graag met u in gesprek gaan hoe leerkrachten zichzelf kunnen versterken, op een leuke, transparante en positieve manier. Hoe ze zelf aan het stuur kunnen zitten in hun klas en het spel spelen van motivatie en resultaten.

Ik laat me graag door u uitnodigen om u te laten zien dat het mij (en dus elke leerkracht) lukt om elk kind te bereiken door de kracht van elke leerkracht te versterken.

In 2008, ten tijde van het verschijnen van “Alles is taal in de schatrijke school” was ik zelf nog niet ver genoeg om vanuit autoriteit deze boodschap goed genoeg voor het voetlicht te krijgen. Ik riep leerkrachten destijds op om te verbinden, te luisteren naar het kind, hoge verwachtingen te hebben en binnen kaders los te laten. Meer dan een oproep was het niet. Vandaag doe ik dezelfde oproep, met mijn kennis van nu.

NU, anno 2014, weet ik dat het gevoel dat ik had als leerkracht en directeur (door mijn aanpak en daarmee die van de school – obs de Badde in Musselkanaal-) versterkt wordt door de praktische en gevalideerde aanpak die ik nu toepas om letterlijk elk kind te bereiken op basis van het Process Education Model (PEM). Ik ben blij dat ik het werk en de uitspraken van Taibi Kahler ben tegengekomen: “Hoe je iets zegt is belangrijker dan wat je zegt.” Of: “Als je wilt dat ze luisteren naar wat je te zeggen hebt: spreek dan hun taal.”  Zijn werk geeft mij handen en voeten om aan schoolteams duidelijk te maken op welke manier ik het verschil hebt gemaakt in al die jaren voor de klas en als directeur. Over hoe je kinderen écht kunt bereiken.
Ik merk, door gesprekken met leerkrachten die ik begeleid, dat het werkt, dat ik leerkrachten weer blij zie worden, en kinderen meer gemotiveerd zie. Het toepassen van het model met de daaraan gekoppelde interventies is geen tovermiddel. Wel is het een middel wat bewezen zorgt voor betere prestaties en een positieve werkbeleving.

Het is nog een jong model. Maar het werkt. En dat is de enige reden waarom ik u schrijf. Omdat ik een visie heb die ik heel graag wil delen en dat de oplossing soms heel dicht bij ligt. In de leerkracht. Onderwijs moet leuker. Onderwijs kan leuker. Laten we van droom naar realiteit gaan.

Samen met u ga ik graag aan de slag om de motivatie en het plezier terug te brengen. Om de door u aangehaalde percentages van 21 % (voortgezet onderwijs) en 9 % (basisonderwijs) van ongemotiveerde leerlingen significant te laten dalen. Om het plezier voor de leerkracht te vergroten.

Op NOS.nl las ik de volgende quote (van u):  “Ze vindt dan ook dat leraren moeten leren hoe zij leerlingen beter kunnen bereiken.”

Ik sta achter uw quote. Hij had van mij kunnen zijn.

Laten we vandaag nog beginnen. Ik hoop u snel te kunnen spreken.

Met vriendelijke groet,

 

Jelte van der Kooi
@JelteVanDerKooi
www.jeltevanderkooi.nl
www.facebook.com/schoenenbos

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *