gouden GNIFFEL

beaGenomineerd voor de gouden gniffel !!!

Ik heb een nieuwe prijs bedacht voor originele kinderboeken. Voorwaarden: originele namen; grappige, hilarische voorvallen; bijzondere locaties; lachmomenten op elke bladzijde…

Ik nomineer het nieuwste deel van Gup. Net af. Voldoet aan bovenstaande voorwaarden en dus: genomineerd!

Wil je een paar uur wegduiken in de bijzondere wereld van Gup, zijn vader Otto, Lelleke Labbekak, Lutke Griebus en Tjerk Mastodont?
Wil je lezen over pizza en dropjes?

Je mag mijn eerste versie van Gup op de Berenkuil lezen. Laat maar weten of je in je mailbox wilt.

Hier een voorproefje:

‘Lelleke Labbekak, je heb je spullen nog niet opgeruimd.’
Het meisje liet de hand van Gup los en zuchtte. Daarna zuchtte ze nog een keer maar dan nog meer hoorbaar. Ze kreunde er bij en schudde met haar hoofd.
‘Ja, maar…’
‘Geen gejamaar Lelleke Labbekak. Je bord staat er nog. Mét een halve broodkorst. In je beker zit nog thee, koud natuurlijk, met die dode vlieg er in. En er liggen vierenveertig broodkruimels op je stoel. Minstens. Wat is daarop je antwoord?’
‘Ik heb geen vraag gehoord,’ zei het meisje, dat werd aangesproken met Lelleke Labbekak. ‘En dus is het ontzettend niet mogelijk om een antwoord te geven, pap.’
De man zette zijn handen in zijn zij en maakte zichzelf groter. Zijn kin ging omhoog, zijn ogen stonden strak en bij zijn linkeroog spande constant een spiertje waardoor het leek of hij knipoogde.
‘Ik stel ook geen vraag. Ik zeg je dat je je spullen moet opruimen.’
‘Dan hoef ik ook geen antwoord te geven dus.’
De man schudde zijn hoofd. ‘Gewoon doen,’ zei hij bars. Zijn oogspiertje trilde ondertussen nog meer.
Weer zuchtte het meisje.
‘Maar ik wil naar de zandbak die gisteren nog een speelvijver was.’
De man schudde zijn hoofd alsof hij moest nadenken over wat zijn dochter net zei.
‘Wat bedoel je?’
Lelleke zette een stap in haar vaders richting. ‘Ken je die Japanse spreuk nog pap?’ zei ze zangerig.
Haar vader schudde zijn hoofd.
‘Foetsie, allemehoetsie,’ riep Lelleke. Daarbij sprong ze omhoog en danste rond haar vader. Die bleef doodkalm staan. Hij verroerde zich niet. Gup grinnikte. Hij zag hoe Lelleke haar vlakke hand tegen haar lippen sloeg, telkens als ze de Japanse spreuk zei. ‘Foetsie, allemehoetsie. Foetsie allemehoetsie. Foetsie allemehoetsie.’
De schouders van Lellekes vader zakten, het spiertje bij zijn oog maakte overuren en zijn blik verstarde.
‘Hou op hiermee,’ fluisterde hij. Lelleke ging door. ‘Hou hier mee op,’ zei de man nadrukkelijk. Het leek of Lelleke hem niet hoorde. ‘Foetsie allemehoetsie. Foetsie allemehoetsie.’ Gup zag aan het gezicht van de man hij niet wist wat hij moest doen.
‘Stop. Hou op!’ schreeuwde hij opeens en stak zijn beide armen als een dubbele slagboom naar voren. Lelleke liep er tegen aan en stond stil.
‘Ken je de spreuk weer?’ vroeg ze guitig. Het leek of ze zich niets aantrok van de boosheid van haar vader.
‘Gek ben je,’ zei hij alleen maar.
‘Compliment,’ antwoordde ze droog en knipoogde naar Gup. ‘Het water is foetsie allemehoetsie.’ Lelleke huppelde voor haar vader van het ene op haar andere been. ‘Je kunt alleen zandhappen in de berenkuil woestijn.’
‘Zandhappen? Berenkuilwoestijn? Help jij mij eens jongen.’
Gup haalde zijn schouders op. ‘Ik hoor van haar dat er geen water meer in de vijver is.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *