Doe er toe

2013 051Leerkrachten: DOE ER TOE.
Maak het verschil!
Geniet van je vak, zie het kind!

Met een aantal kinderen van groep één en twee loop ik naar de bibliobus. Sommige kinderen gaan boekloos mee omdat ze alleen maar hoeven te verlengen. De andere kinderen hebben hun bibliobusboek bij zich en worden als vanouds door “bibliobus-Hennie” uitbundig vriendelijk lachend opgewacht. Ze kent veel kinderen bij naam, neemt de boeken in en laat de kinderen een nieuw boek uitzoeken. Ik kijk naar het ritueel en tel de voetstappen die ik inmiddels in een bibliobus heb gezet, ik tel de woorden die ik wisselde met de bibliobusmensen en de boeken die ik mee hielp uitzoeken.

René en Coenraad hebben daar geen weet van, die komen net kijken en hebben de leentijd van hun boek net verlengd. Ze zijn op het trapje bij de deur gaan zitten en kijken door het raam naar buiten.
Meteen begint hun fantasie te werken. Hun ogen kijken naar elkaar en ze vinden elkaar in een nieuwe wereld waarvan ik me afvraag: waar komt het vandaan??? René opent de schuifdeur een heel klein beetje en steekt zijn hand naar buiten. Schoolmeesterachtig mompel ik:
,,Niet naar buiten gaan hè!”
,,Neehee, ik voel alleen of het ook nat is buiten. Daar zijn de haaien”, zegt René.
,,En de krabben”, vult Coenraad aan.
,,We kijken naar de zee.” René draait zich om en kijkt met een schuin oog naar me.
Zet René en Coenraad voor een schuifdeur in de bibliobus en ze bedenken dat ze door de ruit van een zee-aquarium kijken. Ze zien kwallen voorbij zweven en walvissen op zich af komen. Ze zien roggen, inktvissen en zeepaardjes. Tenminste, dat fantaseer ik er bij. Misschien zien zij ze niet en vul ik hun wereld voor ze in.

Mijn aandacht wordt door Hennie gevraagd en even moet ik de twee zeebekijkers in de steek laten.
Als ik even later weer naar René en Coenraad loop en probeer op te vangen wat ze nog meer zien raak ik in de war. René heeft nog een dier gezien.
,,Daar is een olifant”, hoor ik hem zeggen.
Ik kan het niet laten en denk me er meesterachtig mee te moeten bemoeien.
,,Een olifant??”
,,Ja, daar!”, wijst Coenraad.
Ik heb moeite om me weer in hun wereld te verplaatsen en zie opeens een onafzienbare vlakte in Afrika voor me. Ik kan het niet combineren met de zee die ik net heb gezien achter het raam en haak bijna af totdat René zijn mond weer opent.
,,Het is een zee-olifant.”
,,Een zee-olifant.”, zeg ik hem na.
De Afrikaanse steppe verdwijnt voor mijn ogen en de oceaan komt er weer voor in de plaats. Ik zie een zee-olifant door het water ploeteren, sierlijk als een…. als een….

,,Meester, iedereen is klaar met ruilen”, zegt Coenraad. Ik word wakker uit hun fantasiewereld. René mag van mij de deur openen. Het water stroomt naar binnen als wij naar buiten gaan. Als ik om kijk zie ik Hennie in het aquarium zwemmen. Ik schud nog een keer heftig mijn hoofd en loop voor de kinderen uit naar school.

 

 

Een gedachte over “Doe er toe

  1. Nou weet ik het gevoel weer wat ik had toen je ermee begon in de Kanaalstreek… Een passie van leerkracht zijn..de wereld van het kind… Mooi….

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *